We mogen weer!

Elke waterpoloër wordt rond deze tijd van het jaar bevangen door een lichte vorm van opwinding. De competitie begint. Yes, we mogen weer!

Jullie weten dat dat in april wel anders is. Na een lang seizoen berg je bijna opgelucht je zwembroekje op. Het thuisfront is het al weken zat dat elk weekend in het teken staat van dat stomme waterpolo. Je hebt je trainer met z'n chagrijnige tronie en z'n voorspelbare oefeningen wel weer lang genoeg gezien. En welbeschouwd zit er aan de schunnige waterpolohumor van je teamgenoten ook maar weinig verheffends. Walgelijk, die schijtlollige midvoor met z'n liederlijke smeerpijperij en obscene geklets. Dat trainen in de late avond, zo'n lange autorit naar Vriezenveen, die veel te lange nachten in het clubhuis... je moet er even niet aan denken.

De zomer brengt wat vrijheid in je kop. Natuurlijk sta je niet stil. Je poedelt wat op meerdere zomertoernooitjes, trekt er met de racefiets op uit en loopt wat hard. Maar van die verplichte trainingsuren in het chloorwater ben je lekker af.

Begin augustus begint het voor het eerst te knagen. Je zoekt je teamgenoten weer wat vaker op en het zoemen van de teamapp neemt in frequentie toe. Je betrapt jezelf erop dat je dat onbeschaafde nieuwe mopje van je midvoor eigenlijk best leuk vindt. Je begint bijna te snakken naar die scheet van hem in de kleedkamer.

Je humeur heeft er ondertussen behoorlijk onder te lijden. Je irriteert je aan kleine dingen. Snauwt je vriendin steeds vaker af. Ook op het werk ben je kortaf. De avonden op de bank lijken een eeuwigheid te duren. Thuis hopen ze zelfs dat het seizoen weer snel begint.

Dat is elk jaar weer een verlossend moment. Je beseft dat je te lang hebt thuisgezeten. Je verlangt naar die training op de late avond, de vieze praatjes van je midvoor, de lange autorit naar Vriezenveen en die veel te lange nachten in het clubhuis.

Als ik zaterdag m’n capje van het zoldertraprek pluk, zal ik intens juichen. De competitie is begonnen. Yes, we mogen weer!

Foto boven: Beeldboot / Gertjan Kooij

Reacties